Wil je meedoen?

Met de BBTK sta je sterker. Maak je nu lid.

Nieuwsbrief

Abonneer je op onze nieuwsbrief en mis niets!

Abonneren

Je sectorale rechten – pc 313 | Apotheken en Tarificatiediensten

04/01/2024 | FR / NL
Wat is een paritair comité?
Arbeidsovereenkomst
Loon
Arbeidsduur
Jaarlijkse vakantie
Feestdagen
Klein verlet
Ziekte of ongeval
Tijdskrediet en thematische verloven
Deeltijds werk
SWT: stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag
Outplacement
Indexering
Vervoerskosten
Recht op opleiding

In België is de arbeidsmarkt onderverdeeld in “sectoren”: scheikunde, metaal, banken, grootwarenhuizen, apotheken, ... Deze verdeling is gebaseerd op de bedrijfsactiviteiten. Om de werking van de sectoren te verzekeren, beschikt elke sector over zijn eigen overlegorgaan, het zogenaamd “paritair comité”.

Een paritair comité is een overlegorgaan waarbinnen de vertegenwoordigers van werkgevers en vakbonden, na onderhandeling, de minimale loon- en arbeidsvoorwaarden vastleggen in wetteksten. Dit zijn de “collectieve arbeidsovereenkomsten”. Deze cao’s gelden voor alle bedienden van een bepaalde sector.

Het zijn akkoorden die de werkgevers en werknemers van een bepaalde sector moeten uitvoeren en naleven. Deze akkoorden kunnen verschillen naargelang van de sector. Elke sector heeft zijn eigen benaming en nummer.

Het pc 313 is het paritair comité voor de apotheken en tarificatiediensten De sector van pc 313 telt meer dan 14.000 bedienden en arbeiders en meer dan 3.200 werkgevers in heel België.

Om je rechten te kunnen doen naleven, moet je ze natuurlijk eerst kennen! Hierna vind je een samenvatting per thema van de belangrijkste collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s) voor de sector van pc 313 bovenop de algemene wetgeving die je in de brochure "Je Rechten op zak” terugvindt.

Een arbeidsovereenkomst is een contract waarbij een persoon zich ertoe verbindt om tegen loon en onder gezag van een andere persoon arbeid te verrichten.

Er bestaan verschillende types in functie van het uit te voeren werk (arbeidsovereenkomst voor arbeiders, bedienden, vervangingscontract, enz.) of naargelang van de duur van de overeenkomst (arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur, bepaalde duur, voor een welomschreven werk). Raadpleeg voor de algemene regelgeving de brochure “Je Rechten op Zak”.

Pc 313 voorziet geen specifieke regeling inzake arbeidsovereenkomsten. Voor meer informatie kan je altijd terecht bij je BBTK-afgevaardigde of bij je BBTK-afdeling.

Je loon wordt bepaald door je functie en door de barema’s van je sector. Een bedrijf heeft echter de mogelijkheid om eigen barema’s toe te passen. Deze bedrijfsbarema’s moeten hoger liggen dan de sectorbarema’s.

De sector van de apotheken en tarificatiediensten heeft het personeel dat geen apotheker is onderverdeeld in 4 categorieën en het personeel dat apotheker is in 2 categorieën (provisor of adjunct). Het betreft geen analytische functieclassificatie.

De sectorbarema’s zijn gebaseerd op de verworven ervaring. Voor het personeel dat in de Tariferingsdiensten werkt en voor het personeel dat in voor het publiek opengestelde apotheken werkt ander dan farmaceutisch-technische assistenten, wordt onder ervaring verstaan de uitoefening van de beroepsactiviteit in een onderneming die onder pc 313 valt, of in eenzelfde of soortgelijke functie in een andere sector, of eveneens in een niet-soortgelijke functie in een bedrijf dat niet tot pc 313 behoort.

Voor de toekenning van de ervaringsjaren wordt geen onderscheid gemaakt tussen voltijdse of deeltijdse prestaties. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen de bewezen ervaring als werknemer of als zelfstandige of als statutair ambtenaar.

Er werden sectorale premies onderhandeld bij de laatste sectorovereenkomsten (pro rata voor de deeltijdse werknemers):

  • Sinds 2016: jaarlijkse recurrente brutopremie van € 250 (niet geïndexeerd).
  • Sinds 2018: jaarlijkse recurrente brutopremie van € 352 (niet geïndexeerd).
  • Sinds 2020: jaarlijkse recurrente brutopremie van € 210 (geïndexeerd vanaf 2021).
  • In 2021: een eenmalige coronapremie van € 100 en een voorwaardelijke premie van € 100. 
  • Sinds 2022: De barema’s en effectieve lonen werden verhoogd met 0,4%.
  • In 2023: een eenmalige koopkrachtpremie in functie van de bedrijfswinsten.

In pc 313 is de wekelijkse arbeidsduur vastgelegd op 38 uur.

De tewerkstelling van werknemers na 20 uur is slechts toegelaten wanneer de werkgever deelneemt aan de wachtdienst voor zijn regio. De totale duur van de nachtarbeid tussen 20 uur en 6 uur mag niet méér bedragen dan 20 uur per jaar.

De arbeidsduur mag de wekelijkse grens met 20 uur per jaar overschrijden op voorwaarde dat deze niet de bij of krachtens de wet vastgestelde grenzen overschrijdt. De werkgever mag enkel van deze mogelijkheid gebruik maken voor de zover de werknemer of, wanneer zij bestaat, de syndicale afvaardiging van het bedrijf minstens zeven dagen vooraf hiervan verwittigd worden.

In de apotheken gevestigd in badplaatsen en luchtkuuroorden, alsook in toeristische centra, mogen de door of krachtens de wet vastgestelde grenzen worden overschreden gedurende dertien weken per kalenderjaar, teneinde het hoofd te kunnen bieden aan een uitzonderlijke toename van werk. De wekelijkse grens mag niet meer dan vijf uur worden overschreden.

Ingeval van een variabel uurrooster blijft de informatietermijn voor de mededeling van het variabel uurrooster 5 dagen.

In pc 313 heb je naast de 20 wettelijke verlofdagen ook recht op 1 bijkomende betaalde verlofdag als je 15 jaar anciënniteit hebt, en op een tweede bijkomende dag vanaf 25 jaar anciënniteit bij dezelfde werkgever behalve als er gunstiger voorwaarden bestaan in het bedrijf.

Sinds 1 januari 2024 wordt een derde dag anciënniteitsverlof toegevoegd vanaf 30 jaar anciënniteit. 

Er bestaan in je paritair comité geen specifieke maatregelen voor feestdagen.

Voor bepaalde omstandigheden in je privéleven (familiale gebeurtenissen – overlijden, huwelijk, geboorte – of burgerlijke verplichtingen) heb je het recht om afwezig te zijn van het werk met behoud van loon. Dat is het zogenaamde “klein verlet” of “omstandigheidsverlof”.

Je vindt de volledige lijst met de dagen klein verlet in “Je Rechten op Zak”.

In pc 313 heb je bovendien recht op een extra dag bovenop wat de wet voorziet als je trouwt (dit geldt ook voor wettelijke en feitelijke samenwonenden), nl. in totaal 3 dagen. Bij het overlijden van een kind jonger dan 18 jaar of het overlijden van de echtgeno(o)t(e), heb je recht op 10 verlofdagen.

Er bestaan in je paritair comité geen specifieke maatregelen in geval van ziekte of ongeval. Net als alle werknemers heb je uiteraard rechten in dergelijke omstandigheden. Raadpleeg voor meer info “Je Rechten op Zak”. Voor meer informatie kan je altijd terecht bij je BBTK-afgevaardigde of bij je BBTK-afdeling.

Tijdskrediet is een stelsel waarmee werknemers hun loopbaan tijdelijk kunnen onderbreken of verminderen.

De laatste regeringen hebben sterk gesnoeid in de reglementering ter zake (strengere toegangsvoorwaarden, aanzienlijke inperking van het recht op uitkeringen en gevolgen voor de sociale-zekerheidsrechten). Toch zijn de vakbonden erin geslaagd op interprofessioneel vlak nog mogelijkheden te voorzien voor werknemers om hun loopbaan tijdelijk te onderbreken of te verminderen.

In pc 313 zijn wij erin geslaagd om deze mogelijkheden ook maximaal waar te maken voor alle bedienden.

Zo werd het tijdskrediet met motief:

  • zorgen voor een kind tot de leeftijd van 8 jaar;
  • palliatieve zorgen;
  • zorgen voor een zwaar ziek gezins- of familielid;
  • zorgen voor een gehandicapt kind tot 21 jaar

... verhoogd tot 51 maanden. Voor het volgen van een opleiding ligt dit recht vast op 36 maanden. De sector-cao voorziet het recht om voltijds of halftijds tijdskrediet op te nemen.

Voor de landingsbanend.w.z. tijdskrediet voor oudere werknemers, voorziet de sector een afwijkende leeftijd tot 30 juni 2025. De werknemer kan immers zijn prestaties verminderen tot 4/5de of halftijds vanaf 55 jaar, op voorwaarde dat hij voldoet aan de criteria van 35 jaar loopbaan, een zwaar beroep of 20 jaar nachtwerk.

Deeltijds werk is werk dat regelmatig wordt uitgevoerd tijdens een kortere periode dan de arbeidsduur van voltijdse werknemers.

Pc 313 voorziet geen specifieke regeling inzake deeltijds werk.

Ook in deze reglementering hebben de opeenvolgende regeringen de laatste jaren serieus gesnoeid. Maar ook hier zijn nog mogelijkheden om beneden de gangbare leeftijd van SWT (62 jaar) vroeger te vertrekken mits een aantal voorwaarden.

Zo zal het voor pc 313 nog tot 30 juni 2025 mogelijk zijn om op 60 jaar met SWT te vertrekken voor personen met een lange loopbaan van 40 jaar.

De bedoeling van outplacement is dat de ontslagen werknemer begeleid wordt door een specialist zodat hij binnen een zo kort mogelijke termijn opnieuw aan de slag kan bij een andere werkgever of als zelfstandige.

Pc 313 voorziet geen specifieke regeling inzake outplacement.

In pc 313 wordt het loon met 2% geïndexeerd in de maand na de overschrijding van de spilindex door de afgevlakte gezondheidsindex. De laatste indexering vond plaats op 1 februari 2024.

De bedienden van pc 313 krijgen 90% van de kosten van het openbaar vervoer vergoed, tenzij het bedrijf een 80/20 derdebetalersregeling heeft afgesloten. Met andere woorden, als je bedrijf een overeenkomst heeft gesloten met de openbare vervoermaatschappij (NMBS, MIVB, De Lijn, Waterbus) zodat 80% van het tarief wordt betaald door je werkgever en de resterende 20% door de overheid.

Wanneer de werknemer gebruik maakt van eigen vervoer wordt een gedeelte van de kost terugbetaald door de werkgever op basis van de prijs van 80% van het treinabonnement in tweede klasse voor een gelijke afstand.

Sinds de laatste sectorovereenkomst werd de fietsvergoeding verhoogd tot € 0,20/km (met een maximum van 30 km/dag H/T). 

In het kader van de laatste sectorovereenkomst werden extra rechten op opleiding tijdens de werkuren voorzien, en dit afhankelijk van het aantal werknemers in het bedrijf.

In bedrijven met minder dan 10 werknemers heeft elke voltijdse bediende recht op minimum 3 opleidingsdagen per jaar.

In bedrijven met 10-20 werknemers heeft elke voltijdse bediende recht op minimum:

  • 3 dagen in 2024 & 2025, waarvan één dag individuele opleiding;
  • 4 dagen in 2026 & 2027, waarvan één dag individuele opleiding;
  • 5 dagen per jaar vanaf 2028, waarvan één dag individuele opleiding.

In bedrijven met 20 werknemers of meer hebben de voltijdse bedienden recht op minimum 5 opleidingsdagen per jaar.

  • Werkgevers die opleidingsdagen weigeren, zijn verplicht als compensatie bezoldigde afwezigheden toe te kennen.
  • Voor de deeltijdse werknemers die minstens 50% van de voltijdse arbeidsduur werken, worden de opleidingsdagen verminderd tot de helft van het aantal opleidingsdagen per jaar.