Wil je meedoen?

Met de BBTK sta je sterker. Maak je nu lid.

Nieuwsbrief

Abonneer je op onze nieuwsbrief en mis niets!

Abonneren

Je sectorale rechten - Handel | Pc’s 201, 202, 202.01, 311, 312

01/01/2024 | FR / NL
De 5 paritaire comités van de handelssector
Arbeidsovereenkomst
Loon
Vervoerskosten
Flexibiliteit
Arbeidsduur en adv
Jaarlijkse vakantie
Vorming en opleiding
Veiligheid van de werknemers
Werken en kinderen
SWT
Einde van de arbeidsovereenkomst
Werkzekerheid

Dit document bevat specifieke regelgeving van toepassing in de handelssector en vult de brochure “Je Rechten op Zak” (algemene wetgeving) aan.

Elke winkel, wat hij ook verkoopt, valt onder één van de 5 paritaire comités van de handelssector. Elk van de paritaire comités heeft zijn eigen bevoegdheidsgebied met specifieke barema’s en arbeidsvoorwaarden.

Voor de bevoegdheidsgebieden geldt het begrip “juridische entiteit” (en niet “technische bedrijfseenheid” zoals bij de sociale verkiezingen). 

Hieronder vallen de ondernemingen die in totaal 50 of meer werknemers tewerkstellen en die ten minste 3 onderscheiden handelstakken uitbaten. Dit kan bijvoorbeeld een winkel zijn die een voedingsafdeling heeft, een kledingafdeling en een afdeling drogisterij. De winkels van dit paritair comité zijn Carrefour Hypermarkten en Cora.

Hieronder vallen de niet-voedingszaken die minstens 50 personen tewerkstellen (eventueel verspreid over verschillende winkelzetels) en die minder dan 3 verschillende handelstakken uitbaten. Winkelketens zoals bijvoorbeeld: Brico, C&A, Ikea, Hennes & Mauritz, enz. vallen onder dit paritair comité.

Dit pc is bevoegd voor:

  • de algemene kleinhandel in voedingswaren die minstens 20 werknemers tewerkstellen[1];
  • de gespecialiseerde kleinhandel in voedingswaren die minstens 50 werknemers tewerkstellen;
  • de bedrijven met een maatschappelijke zetel en minstens 2 bijhuizen met als voornaamste activiteit de gespecialiseerde kleinhandel in voedingswaren die minstens 25 werknemers tewerkstellen.

In dit pc vinden we winkelketens terug zoals Delhaize, Colruyt, Aldi, Lidl, Renmans, enz.

Dit pc is bevoegd voor de levensmiddelenbedrijven met maximum één filiaal die minstens 20 werknemers tewerkstellen.

Dit pc omvat de voedingswinkels met minder dan 20 werknemers evenals de niet-voedingszaken met minder dan 50 werknemers.

Werknemers met een contract van bepaalde duur genieten voorrang voor een contract van onbepaalde duur na een periode van 6 maanden in dezelfde functie.

Contracten van bepaalde duur kunnen enkel afgesloten worden indien de mogelijkheden van vervangingscontracten en het aanbod van bijkomende prestaties uitgeput zijn.

Wanneer de onderneming besluit om te voorzien in de vervanging van werknemers, moet het vervangingscontract indien mogelijk een minimumduur van één maand hebben. Het moet bij voorrang worden voorgesteld aan de deeltijdse werknemers van de onderneming, op voorwaarde dat de uurroosters en de kwalificaties vereist voor de betrekking verenigbaar zijn.

In de pc’s 202, 311 en 312 mag de verandering van werkplaats enkel onder bepaalde voorwaarden gebeuren.

Als het woon-werkverkeer minder dan 1 u. bedraagt, zijn de door de onderneming vastgelegde modaliteiten van toepassing. Als het woon-werkverkeer meer dan 1 u. bedraagt met het openbaar vervoer, moeten de werknemer en de syndicale afvaardiging hun akkoord geven.

Geen conventionele procedure op sectoraal vlak, maar informeer je wel op bedrijfsvlak.

Analyse geval per geval rekening houdend met de duur en de kost van het vervoer, de diversiteit van de handelsactiviteit, het soort zetel en de ligging ervan.

De huidige sectorale barema’s in de Handel houden rekening met de functie, de beroepservaring, de voorervaring of de anciënniteit. Dit betreft een automatische jaarlijkse verhoging die evenwel beperkt is in de tijd (ongeveer 20 jaarlijkse baremieke verhogingen).

Het gaat om de voltijdse minimumlonen op 1 november 2023 in categorie 1 op de leeftijd van 21 jaar. Voor “studenten” bestaan er specifieke degressieve bedragen vóór 21 jaar.

In tegenstelling tot het interprofessioneel GGMMI (gewaarborgd gemiddeld minimum maandinkomen) zit de eindejaarspremie niet vervat in de onderstaande bedragen. Bij deze bedragen moeten dus nog het dubbel vakantiegeld, de eindejaarspremie en de verschillende premies (late uren, zaterdag- en zondagswerk, enz.) worden geteld.

LEEFTIJDPc 202Pc 311Pc 312Pc 202,01
21 jaar€ 1.945,65€ 1.938,63€ 2.068,46€ 1.995,26
Enkel voor studentencontracten
20 jaar€ 1.897,01€ 1.890,16€ 2.068,46€ 1.875,54
19 jaar€ 1.799,73€ 1.793,23€ 2.004,14€ 1.755,83
18 jaar€ 1.702,44€ 1.696,30€ 1.940,51€ 1.636,11
17 jaar€ 1.605,16€ 1.599,37€ 1.876,44€ 1.516,40
16 jaar€ 1.459,24€ 1.453,97€ 1.812,96€ 1.396,68
LEEFTIJDPc 201 = en > 20 werknemersPc 201 < 20 werknemers 
21 jaar€ 1.995,26*€ 1.982,43*
Enkel voor studentencontracten
20 jaar€ 1.875,54€ 1.863,48
19 jaar€ 1.755,83€ 1.744,54
18 jaar€ 1.636,11€ 1.625,59
17 jaar€ 1.516,40€ 1.506,65
16 jaar€ 1.396,68€ 1.387,70

In pc 202, pc 311 en pc 312 wordt voor de toepassing van de loonbarema’s rekening gehouden met de verworven anciënniteit in opeenvolgende arbeidsovereenkomsten van bepaalde duur en vervangingscontracten bij dezelfde werkgever.

In pc 201 en pc 202.01 is het criterium voor progressie de beroepservaring en daarom worden alle periodes van effectieve of gelijkgestelde beroepsprestaties die de bediende vóór zijn indiensttreding heeft verworven, automatisch overgenomen.

Onder periodes van gelijkgestelde prestaties worden verstaan alle activiteitsperiodes binnen een professioneel milieu, alle periodes van contractschorsing, alle periodes gedekt door de sociale zekerheid, alle periodes van inactiviteit omwille van familiale motieven.

Pc 201, pc 202.01, pc 202, pc 311, pc 312

  • heeft de BBTK vanaf januari 2022 een loonsverhoging van € 10 in de barema’s, reële lonen en sectorale minima verkregen. 

In het laatste sectorakkoord 2023-2024 werd een koopkrachtpremie onderhandeld voor de ondernemingen die bedrijfswinst hebben geboekt. Deze premie, die tegelijk met de eindejaarspremie wordt uitbetaald, gaat van € 75 tot € 750, afhankelijk van de bedrijfswinst die de onderneming heeft geboekt. Deze bedragen worden geproratiseerd op basis van de werkelijk gepresteerde of gelijkgestelde uren. 

  • werd vanaf 1 januari 2022 € 21 toegevoegd aan de barema’s, de reële lonen en het gemiddeld maandelijks minimuminkomen (naar rato van je uurregeling).

In het laatste sectorakkoord 2023-2024 werd een koopkrachtpremie onderhandeld voor de ondernemingen die bedrijfswinst hebben geboekt. Deze premie, die tegelijk met de eindejaarspremie wordt uitbetaald, bedraagt tot € 150 voor non-foodbedrijven en gespecialiseerde voedingsbedrijven en € 250 voor supermarkten, afhankelijk van de bedrijfswinst. 

In de handel verschillen de indexeringsregels naargelang van de pc’s (percentage, tijdstip, berekening). In tegenstelling tot andere sectoren hebben de gunstige indexeringsregels in de handel ervoor gezorgd dat de lonen snel en op geregelde tijdstippen met 1 of 2% konden worden aangepast. 

Indexering met 2% telkens wanneer de spilindex van het pc overschreden wordt door de gemiddelde afgevlakte gezondheidsindex van de laatste 2 maanden.

Indexering met 1% telkens wanneer de spilindex van het pc overschreden wordt door de gemiddelde afgevlakte gezondheidsindex van de laatste 3 maanden.

Indexering met 2% telkens wanneer de spilindex van het pc overschreden wordt door de gemiddelde afgevlakte gezondheidsindex van de laatste 3 maanden.

Indexering met 2% telkens wanneer de spilindex van het pc overschreden wordt door de gemiddelde afgevlakte gezondheidsindex van de laatste 3 maanden.

Ter compensatie van deze avondarbeid werd in de handel een toeslag onderhandeld voor vroege en late openingsuren.

PCPc 202
(1)
Pc 311
(2)
Pc 312Pc 202.01 Pc 201
(3)
TOESLAG VANAF18 uurGeen18 uur19 uur
BEDRAG MAANDAG-VRIJDAG40%-50%25%
ZATERDAG75%-100%25%

(1) In het paritair comité 202 wordt in het filiaal dat meer dan 4 voltijds equivalente verkoopsters tewerkstelt en dat open is tot 20 uur een toeslag betaald aan het verkooppersoneel vanaf 18 uur.

(2) Het paritair comité 311 heeft geen bijkomende voordelen toegekend voor prestaties van late uren maar vraag informatie bij jouw afgevaardigde over eventuele akkoorden op bedrijfsniveau.

(3) In de paritaire comités 201 en 202.01 wordt enkel in de onderneming die meer dan 30 personen tewerkstelt een toeslag voor late openingstijden betaald.

In pc 202 wordt een inventarisvergoeding toegekend op basis van de omzet aan de filiaalhouder die een hele dag moet sluiten. Het bedrag van deze vergoeding is gelijk aan het dagloon dat wordt betaald voor een feestdag.

EINDEJAARSPREMIE PC 201 EN PC 202.01
VOORWAARDE:  
ANCIËNNITEIT + IN DIENST ZIJN OP 31 DECEMBER

6 maand.

Geen recht op eindejaarspremie bij vrijwillig ontslag of ontslag om dringende redenen.

Als de werknemer de onderneming verlaat vóór de datum van uitbetaling van de eindejaarspremie, heeft hij recht op een eindejaarspremie op basis van de werkelijk gewerkte en gelijkgestelde dagen, op voorwaarde dat hij minstens zes maanden anciënniteit heeft.

BEDRAG BIJ VAST LOONHet gemiddelde van het effectief ontvangen loon van de geleverde prestaties van het betrokken jaar.
BEDRAG BIJ VERANDERLIJK LOONMaandgemiddelde vaste en veranderlijke brutolonen betaald gedurende het betrokken jaar.
BIJ ONVOLLEDIG TEWERKSTELLINGSJAAR

Pro rata van de volledig gewerkte maanden. Zijn betrokken:

  • werknemers in tijdskrediet;
  • werknemers die ouderschapsverlof, palliatief verlof of verlof voor de verzorging van een ernstig zieke opnemen;
  • werknemers die met (vervroegd) pensioen gaan.

Voor een maximum van 60 dagen per jaar afwezigheid wegens ziekte of ongeval, bevallingsverlof of vaderschapsverlof voor een werknemer wiens vrouw geen bevallingsverlof kan opnemen, wordt het bedrag van de eindejaarspremie evenmin verlaagd.

 

AANVULLENDE KERSTPREMIE PC 202 EN PC 312
PCPc 202Pc 312
BEDRAG€ 148,74 bruto€ 297,47 bruto
PRO RATA DEELTIJDSE WERKNEMERSIn verhouding tot de arbeidsduur.

(297,47 x aantal uren november)
151,66 

PRO RATA ONVOLLEDIG WERKJAARIn verhouding tot maanden tewerkstelling.In verhouding tot maanden tewerkstelling.

 

EINDEJAARSPREMIE PC 202 - PC 311 - PC 312
VOORWAARDE: 
ANCIËNNITEIT
 
 3 maanden, al dan niet opeenvolgend, tewerkgesteld.
 
VOORWAARDE: 
IN DIENST ZIJN
 

Op het ogenblik van de toekenning van de premie, tenzij:

  • je in tijdskrediet bent;
  • je ouderschapsverlof, palliatief verlof of verlof voor de verzorging van een ernstig zieke opneemt.

Je hebt ook recht op de eindejaarspremie tijdens de eerste 300 dagen afwezigheid (= 12 maanden van 25 dagen in een 5-dagenweek), wat overeenkomt met de periode gelijkgesteld met effectieve arbeid in het kader van de wetgeving op het jaarlijks verlof(1). Vanaf 01/01/2024 wordt tijdelijke werkloosheid (om economische redenen en overmacht) gelijkgesteld met effectieve prestaties. 

Ook indien je niet meer in dienst bent op het moment van betaling op voorwaarde dat je:

  • geen vrijwillig ontslag hebt genomen;
  • niet ontslagen bent om dringende reden.

Pc 202
De premie is verschuldigd wanneer je de onderneming hebt verlaten ingevolge je vertrek wegens pensionering of bestendige invaliditeit en eveneens bij ontslag wegens economische of technische redenen. De premie wordt betaald aan de werknemers die ontslagen worden (tenzij om dringende reden) naar rato van hun effectieve en gelijkgestelde prestaties, op voorwaarde dat ze ten minste 2 jaar ancienniteit in de onderneming hebben.

Pc 311
De premie wordt betaald aan de werknemers die ontslag nemen, naar rato van hun effectieve en gelijkgestelde prestaties, op voorwaarde dat ze ten minste 5 jaar ancienniteit in de onderneming hebben.

Pc 312
De premie wordt toegekend indien je de onderneming verlaat ingevolge pensioen of brugpensioen.

BEDRAG BIJ VAST LOON
 

Pc 312

Contractueel loon van november + maandgemiddelde late uren, bijkomende uren en overuren van de 12 voorgaande maanden vermenigvuldigd met het uurloon van november.

BEDRAG BIJ VERANDERLIJK LOON
 

Pc 311

Indien het jaarloon (dubbel vakantiegeld niet inbegrepen) voor 1.872 uren werkelijke of gelijkgestelde prestaties het minimum jaarloon (baremiek minimum X 12) niet met 30% overschrijdt. (2)

BIJ ONVOLLEDIG TEWERKSTELLINGSJAAR
 

Pc 202 en pc 312

De eindejaarspremie wordt geproratiseerd per volledige maand tewerkstelling.

Pc 311

Het bedrag van de premie is gelijk aan het gemiddelde van de jaarlijkse prestaties.

(1) Afwezigheid niet gelijkgesteld met effectieve werkdagen: de afwezigheden voor dwingende familiale redenen, de niet-bezoldigde toegestane afwezigheden, de periodes tijdelijke werkloosheid wegens technische stoornis of weerverlet, periodes tewerkstelling in het buitenland die niet aangegeven zijn aan de Belgische sociale zekerheid, ongerechtvaardigde afwezigheden, de periode volledige loopbaanonderbreking of de periode van volledige schorsing van de overeenkomst in het kader van het tijdskrediet, de periodes van volledige schorsing van de uitvoering van de overeenkomst genomen in het kader van het thematisch verlof (ouderschapsverlof, verlof voor palliatieve verzorging, verlof om een naaste bij te staan of te verzorgen), de periode gedekt door een opzeggingsvergoeding.

(2) Dit wil zeggen ingeval van indiensttreding of uitdiensttreding in de loop van het jaar of ingeval van gelijkgestelde arbeidsprestaties zoals in de wetgeving op de jaarlijkse vakantie.

PC 202 - PC 311 – PC 312

PC 202 - PC 311 – PC 312
VERVOERTUSSENKOMST VAN DE WERKGEVER IN DE VERVOERSKOSTEN
TREINGemiddeld 80% van treinkaart.
TRAM, BUS OF METROPRIJS VAN HET VERVOER STAAT IN VERHOUDING TOT DE AFSTAND
De bijdrage van de werkgever is gelijk aan de werkgeverstussenkomst in de prijs van de treinkaart geldend voor een overeenstemmende afstand zonder evenwel 80% van de werkelijke vervoerprijs te overschrijden.
 

PRIJS IS EEN EENHEIDSPRIJS ONGEACHT DE AFSTAND 

Pc 202 - Pc 311 De bijdrage van de werkgever wordt forfaitair vastgesteld en bedraagt 80% van de effectief door de werknemer betaalde prijs zonder de tegemoetkoming van de werkgever in de prijs van de treinkaart voor een afstand van 7 km te overschrijden. 

Pc 312 De bijdrage van de werkgever wordt forfaitair vastgesteld en bedraagt 80% van de effectief door de werknemer betaalde prijs zonder de tegemoetkoming van de werkgever in de prijs van de treinkaart voor een afstand van 7 km te overschrijden.

MEERDERE VERVOERBEWIJZENDe bijdrage van de werkgever wordt berekend per vervoerbewijs.
PRIVÉVOERTUIG (AUTO, MOTOR, ...)

TUSSENKOMST VAN DE WERKGEVER IN DE VERVOERSKOSTEN

De bijdrage van de werkgever zal gelijk zijn aan gemiddeld 75%* van de tussenkomst die hij zou betaald hebben indien de werknemer gebruik zou maken van openbaar vervoer.
* 70% voor Carrefour.

Afstand: vanaf 2 km

Beperking: maximum jaarloon van € 40.000 (brutomaandloon * 13,92) 

FIETS

TUSSENKOMST VAN DE WERKGEVER IN DE VERVOERSKOSTEN

Een vergoeding van € 0,27 per kilometer (op 01/01/2024) voor de werkelijk af te leggen afstand tussen woon- en werkplaats.

 

PC 202.01 - PC 201 (= EN > 20 WERKNEMERS & < 20 WERKNEMERS)
 
VERVOERTUSSENKOMST VAN DE WERKGEVER IN DE VERVOERSKOSTEN
TREINGemiddeld 75% van treinkaart.
TRAM, BUS OF METRO

PRIJS VAN HET VERVOER STAAT IN VERHOUDING TOT DE AFSTAND 

De bijdrage van de werkgever is gelijk aan de prijs van de treinkaart zonder evenwel 75% van de werkelijke vervoerprijs te overschrijden.

PRIJS IS EEN EENHEIDSPRIJS ONGEACHT DE AFSTAND 

De bijdrage van de werkgever wordt forfaitair vastgesteld en bedraagt 71,8% van de effectief door de werknemer betaalde prijs zonder de tegemoetkoming van de werkgever in de prijs van de treinkaart voor een afstand van 11 km te overschrijden.

MEERDERE VERVOERBEWIJZEN

Tussenkomst per vervoermiddel.

Geen minimumafstand.

PRIVÉVOERTUIG (AUTO, MOTOR, ...)

Geen minimumafstand als er geen combinatie met andere vervoermiddelen is. 

Het plafond voor de terugbetaling bedraagt maximaal 10 km (heen). De tussenkomst is beperkt tot 50% van het treinabonnement in 2de klasse.

FIETS

TUSSENKOMST VAN DE WERKGEVER IN DE VERVOERSKOSTEN

€ 0,27/km (op 01/01/2024), tot een maximum van 40 km per dag heen en terug voor bedienden die zich met de (elektrische) fiets tussen woon- en werkplaats verplaatsen.

PC 202 - PC 311 – PC 312

De tewerkstelling in de handelssector wordt almaar onzekerder. Door de vele substatuten in de handel zoals studenten en flexi-jobbers wordt het voor deeltijdse werknemers moeilijker om meer uren (contractverhogingen) te krijgen. Onze strijd in het kader van de eisen voor 2023-2024 bestond er voor een groot deel in om de precariteit te omkaderendoor hiervoor maximumgrenzen vast te leggen en om meer mogelijkheden te voorzien voor het werken in een 4-dagenweek. We hebben een aanzet tot oplossing verkregen want die besprekingen in de bedrijven moeten de komende twee jaar op de agenda staan! Er wordt aanbevolen om flexibiliteit in de bedrijven te omkaderen en onzekere contracten te verminderen.

De arbeidsduur varieert naargelang van de paritaire comités van de handelssector. In de pc’s 202, 311 en 312 geldt een wekelijkse arbeidsduur van 35 uur, in het pc 201 bedraagt deze 38 uur terwijl het pc 202.01 een arbeidsduur van 36u30 hanteert.

PC 202 - PC 311 – PC 312

De wekelijkse arbeidsduur bedraagt 35 u. 

PCARBEIDSDUURLOONTOESLAG VANAF...AANTAL GEWERKTE DAGEN

Pc 202

Pc 311

Pc 312

35 u.

Maar in 36-urenweek met 6 dagen compensatierust op jaarbasis.

Als de werknemer zijn dagen niet heeft opgenomen wanneer hij het bedrijf verlaat, worden ze pro rata uitbetaald.

37ste uur

4,5 dagen/week in pc 312

5 dagen/week in pc 202 en pc 311

Pc 201

Pc 202.01

38 u. in pc 201

36.30 u. in pc 202.01

39ste uur

Ofwel 5 dagen/week

Ofwel 6 dagen/week met 2,5 rustdagen

Als je reële wekelijkse arbeidsduur hoger ligt dan wat in de tabel staat, heb je recht op compensatierustdagen. Voorbeeld: een werknemer in het pc 312 die 36 u. per week werkt, d.i. 1 uur méér dan de voorziene maximale wekelijkse arbeidsduur, zal 6 compensatierustdagen per jaar hebben.

Er wordt aanbevolen om de mogelijkheid van het invoeren van een 4-dagenweek in de bedrijven te onderzoeken.

In pc 201 heb je recht op overloon vanaf het 39ste uur behalve als je onderneming tot de niet-voedingssector behoort, 20 werknemers of meer telt en de arbeidsduurvermindering toegekend heeft met compensatiedagen. In dat geval blijft de weekgrens voor het overloon vastgesteld op de contractuele gepresteerde wekelijkse arbeidsduur. Bijvoorbeeld: de werknemer presteert nog steeds 39 uren per week en krijgt hiervoor 6 compensatierustdagen toegekend. Vanaf het 40ste uur wordt er dan overloon uitbetaald.

Ter herinnering: in de handelssector zijn geen onderbroken uurregelingen toegelaten.

PCMINIMALE DAGELIJKSE ARBEIDSDUURMINIMALE WEKELIJKSE ARBEIDSDUUR BEHOUDENS AFWIJKINGEN
Pc 202
  • 3 u./dag 
  • min. 4 u./dag na 4 jaar anciënniteit
20 u./week
Pc 311
  • 3 u./dag 
  • min. 4 u./dag na 4 jaar anciënniteit
18 u./week
Pc 312
  • 3 u./dag 
  • min. 4 u./dag na 4 jaar anciënniteit
18 u./week
Pc 202.013 u./dag15 u./week

Opgelet: er bestaan diverse afwijkingen op de minimale arbeidsduur, onder meer voor deeltijdse werknemers, voor werknemers in tijdskrediet (17.30 u. per week) in pc’s 202, 311 en 312 en voor enkele andere bijzondere situaties van deeltijds werk die strikt bij cao geregeld zijn.

Pc 202
 
Twee weken op voorhand voor de derde week. Na affichering enkel wijzigingen met voorafgaand akkoord van werknemer.
 
Pc 311
 
Drie weken op voorhand voor de vierde week. Na affichering enkel wijzigingen met voorafgaand akkoord van werknemer.
 
Pc 312
 
Drie weken op voorhand voor de vierde week. . Na affichering enkel wijzigingen met voorafgaand akkoord van werknemer.
 
Pc 201 en pc 202.01
 
Minstens 5 werkdagen op voorhand. Na affichering enkel wijzigingen met voorafgaand akkoord van werknemer.
 

In de handelssector heeft meer dan de helft van de werknemers een deeltijdse arbeidsovereenkomst. Daarom besteedt de BBTK tijdens onderhandelingen speciale aandacht aan het statuut van de deeltijdse werknemer.

In de handelssector wordt het arbeidsregime georganiseerd op vier en een halve dag, op 5 dagen of op 6 dagen (alleen in pc 201 en pc 202.01) per week. In de pc’s 202, 311 en 312 kan je de arbeid presteren in een vierdagenweek indien:

  • je een contract van maximum 24 uren hebt;
  • je een schriftelijk verzoek richt aan de werkgever.

Als je aangeworven bent met een deeltijds contract van onbepaalde duur en je een schriftelijk verzoek richt, dan heb je na verloop van tijd de mogelijkheid om een verhoging van het aantal arbeidsuren te vragen.

 Pc 202Pc 311 en pc 312
VAN 18 OF 19 U./WEEK TOT 20 U./WEEK-Werknemer met 18 maanden anciënniteit in het bedrijf. Overgang naar een variabel uurrooster.
VAN 20 OF 21 U./WEEK TOT 22 U./WEEKWerknemer met 18 maanden anciënniteit in het bedrijf. Overgang naar een variabel uurrooster.Werknemer met 3 jaar anciënniteit in de winkels. 18 maanden wachttijd tussen de overgang naar 20 u. en de overgang naar 22 u.

Overgang naar 22 u. in het kader van een flexibel arbeidsregime op jaarbasis. Maximale wekelijkse schommelingen van + 2 u. (4 u. met akkoord van werknemer) en - 2 u.
VAN 22 OF 23 U./WEEK TOT 24 U./WEEKWerknemer met 3 jaar anciënniteit in de winkels. 18 maanden wachttijd tussen de overgang naar 22 u. en de overgang naar 24 u.

Overgang naar 24 u. in het kader van een flexibel arbeidsregime op jaarbasis. Maximale wekelijkse schommelingen van + 2 u. (4 u. met akkoord van werknemer) en - 2 u.
Werknemer met 5 jaar anciënniteit in de winkels. 24 maanden wachttijd tussen de overgang naar 22 u. en de overgang naar 24 u.

Overgang naar 24 u. in het kader van een flexibel arbeidsregime op jaarbasis. Maximale wekelijkse schommelingen van + 2 u. (4 u. met akkoord van werknemer) en - 2 u.
  • Het recht op verhoging van de arbeidsduur is niet van toepassing in ondernemingen in moeilijkheden.
  • In winkels met minder dan 12 werknemers kan de werkgever ook niet verplicht worden om de arbeidstijd van meer dan 3 werknemers per winkel te verhogen over een periode van 12 maanden. De werknemer met de meeste anciënniteit krijgt voorrang.

Je kan een herziening (aanpassing) van je arbeidsovereenkomst vragen als je gemiddeld meer dan 1 bijkomend uur per week werkt over een periode van:

  • 6 maand (met uitzondering van juli, augustus, december): Pc 202
  • 3 maand: Pc 311
  • 6 maand (het gemiddelde van de maanden juli en augustus wordt gelijkgesteld met dat van de 4 andere maanden): Pc 312
  • 3 maand: pc 201 en pc 202.01

De pc’s 202, 311 en 312 hebben specifieke bepalingen rond beurtroldagen voorzien en daarmee de notie van vrije weekends geïntroduceerd. Meer bepaald heeft het winkelpersoneel recht op een aantal vrije weekends per jaar (bovenop het hoofdverlof), behalve het winkelpersoneel dat speciaal is aangeworven voor prestaties die ook weekendwerk omvatten. De opname van de vrije weekends gebeurt in onderling overleg met de directe hiërarchische overste.

PCVRIJE WEEKENDS*UITZONDERINGEN
Pc 2028 per jaarNiet in juli, augustus en december. Niet op zaterdag indien de voorafgaande vrijdag of de daaropvolgende maandag een feestdag is.
Pc 3118 per jaarIn winkels met hoogstens 5 werknemers (vast contract) hebben voltijdse werknemers recht op 5 beurtrolzaterdagen (en geen vrije weekends) per jaar, deeltijdse werknemers op 3.
Pc 3128 per jaarNiet in juli, augustus en december. Niet op zaterdag indien de voorafgaande vrijdag of de daaropvolgende maandag een feestdag is.

*In geval van een onvolledig jaar (bv. net in dienst zijn) heb je recht op een pro rata.

In de handelssector zijn een groot aantal afwijkingen op het verbod op zondagswerk voorzien.

Werken op zondag van 8 tot 12 uur

In de kleinhandelszaken mogen de werknemers op zondag van 8 tot 12 uur tewerkgesteld worden. De toelating hiervoor kan in bepaalde gemeenten worden beperkt of ingetrokken. 

Elke zondag de hele dag lang

Werken op zondag, de hele dag lang en het hele jaar door, is in de distributiesector toegestaan bij de beenhouwerijen, de bakkerijen en de banketbakkerijen; de voedingswinkels met minder dan 5 werknemers per winkel; de salons, tentoonstellingen, musea, jaarbeurzen; de dagbladondernemingen; ondernemingen die brandstof in 't klein verkopen; de winkels van genees- en heelkundige toestellen; de tabakswinkels; de winkels van natuurlijke bloemen. 

Werken op zondag in toeristische centra

Er bestaat een toelating tot tewerkstelling op zondag voor werknemers van kleinhandelszaken in badplaatsen, luchtkuuroorden of toeristische centra. Toeristische centra zijn de plaatsen die door de minister van Tewerkstelling en Arbeid werden erkend. De volledige lijst met erkende gemeenten en steden kan geraadpleegd worden op de website van de FOD WASO: www.emploi.belgique.be

Vanaf 10 november 2018 is de tewerkstelling op zondag ingevolge deze toelating beperkt tot 39 zondagen voor het ganse kalenderjaar. Dit maximum geldt op het niveau van elke individuele werknemer.

6 zondagen per jaar, de hele dag lang, omwille van bijzondere omstandigheden

Het koninklijk besluit van 27 november 2007 heeft het aantal koopzondagen waarop werknemers, per kalenderjaar, in de distributiesector tewerkgesteld mogen zijn van 3 naar 6 zondagen verhoogd. De werknemers van de handelssector kunnen voor specifieke kortstondige omstandigheden, bijv. een evenement of een braderij, de hele dag tewerkgesteld worden:

  • 3 zondagen per kalenderjaar, vrij te kiezen door de werkgever;
  • 3 bijkomende zondagen per kalenderjaar, eveneens vrij te kiezen door de werkgever. Deze kunnen maar worden toegepast op voorwaarde dat er op voorhand afspraken worden gemaakt over de loon- en arbeidsvoorwaarden voor de prestaties op die 3 bijkomende zondagen. 

Bedrijfsovereenkomsten voorzien meestal loontoeslagen voor de prestaties tijdens deze zondagen: bijv. de vrijwillige basis voor het zondagswerk, maatregelen over de organisatie en de arbeidsvoorwaarden, een verloning aan 200% van het normale loon.

De verplichte wekelijkse sluiting in de handel 

Alle handelaars moeten de wekelijkse rustdag respecteren. Onder een wekelijkse rustdag verstaat men een ononderbroken sluitingsperiode van 24 uur, beginnend op zondag om 5 uur of om 13 uur en eindigend op de volgende dag op hetzelfde uur. Tijdens die dag heeft de consument geen toegang tot de vestigingseenheid en is de rechtstreekse verkoop van producten aan de consument verboden. Ook thuisleveringen mogen niet.

De wekelijkse rustdag moet gedurende minstens 6 maanden dezelfde blijven.

Zondag of een andere dag? Een handelaar mag een andere dag dan zondag kiezen als wekelijkse rustdag In dat geval moet hij de wekelijkse rustdag en het aanvangsuur duidelijk en leesbaar uithangen.

Voor de eerste 3 zondagen per kalenderjaar is de verloning gelijk aan het normale loon, tenzij er een cao op bedrijfsvlak werd onderhandeld.

Voor de 3 bijkomende zondagen per kalenderjaar: in de ondernemingen waar geen ondernemingsraad of syndicale afvaardiging is opgericht, heb je recht op een loontoeslag die 50% hoger is dan het normale loon;

In de ondernemingen met een ondernemingsraad of syndicale afvaardiging kan een cao worden onderhandeld die de arbeids- en loonvoorwaarden voor deze zondagsprestaties vastlegt. Als een dergelijke overeenkomst niet kan worden gesloten, moet een individuele regeling getroffen worden waarin een loontoeslag voorzien wordt van minstens 100% bovenop het normale loon.

Meer info is te vinden in de Expresso “Werken op zondag” op onze website www.bbtk.org

Ter herinnering: het aantal vakantiedagen waarop je recht hebt, hangt mee af van het aantal gewerkte dagen per week.

In de handelssector voorzien de pc’s 202 en 312 bijkomend vakantiegeld bovenop het enkel en dubbel vakantiegeld.

Bijkomend vakantiegeld 

PCPc 202Pc 312
 Zelfde voorwaarden en modaliteiten als wetgeving jaarlijkse vakantie.Zelfde voorwaarden en modaliteiten als wetgeving jaarlijkse vakantie.
BEDRAG (voor voltijdse werknemer met contract van onbepaalde duur)€74,37€ 347,05 + [brutomaandloon van mei geplafonneerd op € 1.487,36) x 0,4] – € 421,42
BEDRAG (voor deeltijdse werknemer met contract van onbepaalde duur)Pro rata.Pro rata de gemiddelde wekelijkse arbeidsprestaties van de maanden maart, april en mei: (bedrag voor voltijdse werknemer x gemiddelde wekelijkse arbeidsprestaties van de maanden maart, april en mei) / 36.
BEDRAG (werknemer met contract van bepaalde duur)In verhouding tot gepresteerde maanden in vakantiedienstjaar.Pro rata het aantal maanden arbeidsprestaties tussen 1 juli en 30 juni: (bedrag voor voltijdse werknemer x aantal maanden arbeidsprestaties) / 12.
ONVOLLEDIGE TEWERKSTELLING TIJDENS VAKANTIEDIENSTJAARIn verhouding tot gepresteerde maanden in vakantiedienstjaar.(Bedrag van het bijkomend vakantiegeld x aantal maanden in aanmerking te nemen voor wettelijk vakantiegeld) / 12
Pc 202
 Per schijf van 5 jaar krijg je een extra verlofdag toegekend met een maximum van 6 extra verlofdagen. De anciënniteit moet verworven zijn op 31 december van het vakantiedienstjaar.
Pc 311

 

Na 5 jaar anciënniteit heb je 2 extra verlofdagen, na 10 jaar 3 dagen, na 15 jaar 4 dagen, na 20 jaar 5 dagen en na 25 jaar 6 extra verlofdagen. De anciënniteit moet verworven zijn op 31 december van het vakantiedienstjaar.

In tegenstelling tot het algemeen recht op 2 opeenvolgende weken vakantie heb je in pc 311 het recht om 3 opeenvolgende weken jaarlijkse vakantie te nemen.

Pc 312

 

Na 10 jaar anciënniteit heb je 2 extra verlofdagen en na 20 jaar anciënniteit heb je 3 extra verlofdagen. De anciënniteit moet verworven zijn op 31 december van het vakantiedienstjaar.
Pc 202

 

De feestdag welke samenvalt met de dag of de halve dag van de week waarop gewoonlijk niet wordt gewerkt in het vijfdagenstelsel, wordt respectievelijk vervangen door een dag of een halve dag inhaalrust.
Pc 312

 

Indien je werkt in een vaste arbeidsregeling komt de tijdwaarde van een feestdag overeen met de tijdwaarde van een werkdag of beurtroldag, of van een dag bestaande uit een halve werkdag en een halve beurtroldag. 

Indien je werkt met een variabele werkregeling dan komt een feestdag overeen met het gemiddelde van 7 uur 12 minuten. 

De winkels met late openingsuren zullen om 19 uur hun deuren sluiten op de vooravond van, of de zaterdag vóór, Kerstdag, Nieuwjaar, Pasen en Pinksteren.

Die dagen worden je uitbetaald als dagen waarop je gewoonlijk werkt. In de sectoren bestaan er bijkomende dagen klein verlet:

In pc 202 en pc 312 heb je ter gelegenheid van je huwelijk één bijkomende verlofdag op wat wettelijk is voorzien. Als je trouwt, heb je dus in totaal 3 dagen verlof.

In pc 311 heb je in geval van verhuizing recht op 1 dag klein verlet. Je moet wel een bewijs van de gemeente voorleggen.

Bedrijven kunnen ook nog extra dagen klein verlet voorzien. Voor meer info hieromtrent kun je bij je afgevaardigden terecht.

Je mag ook van het werk afwezig blijven om dwingende redenen zonder behoud van je loon. Opgelet: in bedrijfs-cao’s kunnen méér dagen verlof om dwingende redenen of dagen mét behoud van loon voorzien worden.

Je kan 10 dagen onbetaald familiaal verlof opnemen in geval van ziekte of ongeval van de echtgeno(o)t(e), de kinderen of familieleden die bij je inwonen of van een vader of moeder die alleen woont.

De BBTK heeft onderhandeld dat er 1 dag verlof per jaar om dwingende redenen wordt betaald, de overige zijn onbetaald tenzij er een andere regeling is voorzien op ondernemingsniveau.

Je kan 10 dagen onbetaald familiaal verlof of sociaal verlof opnemen in geval van ziekte of ongeval van kind of echtgeno(o)t(e) of van een vader of moeder die alleen woont, en ook om administratieve formaliteiten die in geen geval buiten de arbeidsdagen vervuld kunnen worden.

Pc 202 – pc 311 - pc 312

De werknemer heeft het recht om maximaal vijf, al dan niet aaneensluitende dagen, per jaar afwezig te zijn om persoonlijke zorg of steun te verlenen aan een gezinslid of een ouder die om een ernstige medische reden behoefte heeft aan aanzienlijke zorg of steun. De duur van dit zorgverlof wordt aangerekend op het verlof om dwingende redenen. 

Tenzij een bedrijfsovereenkomst anders bepaalt, zijn het verlof om dwingende redenen en het zorgverlof onbetaald. 

Bij definitieve arbeidsongeschiktheid onderzoekt de werkgever de mogelijkheden tot herklassering. Indien dit onmogelijk blijkt, ontvang je een aanpassingstoelage voor definitieve arbeidsongeschiktheid. Deze bedraagt € 213,80 (op 01/01/2023) voor een voltijdse werknemer (pro rata voor deeltijdsen) bovenop de werkloosheidsuitkering zolang je werkloos bent en dit gedurende maximum 24 maanden. Vanaf 2020 wordt het bedrag elk jaar geïndexeerd.

In geval van definitieve ongeschiktheid om een functie uit te oefenen voor het personeel met meer dan 10 jaar anciënniteit dat een beschikbaar werk kan uitoefenen, zal de werkgever overmacht niet inroepen. Hij zal alles in het werk stellen om een passende betrekking aan te bieden in overleg met de vakbondsafvaardiging en arbeidsgeneeskundige dienst. Indien geen oplossing gevonden is, zal een inkomenswaarborg worden toegekend voor een periode overeenstemmend met de wettelijke minimum opzeggingstermijn.

Voor het personeel met minder dan 10 jaar anciënniteit zal de vakbondsafgevaardigde 
die de werknemer vertegenwoordigt geïnformeerd worden. De werkgever zal in samenwerking met de arbeidsgeneesheer en de syndicale afgevaardigde een geschikte functie zoeken voor de betrokken werknemer. Indien geen oplossing gevonden is, zal een inkomenswaarborg worden toegekend voor een periode overeenstemmend met de wettelijke minimum opzeggingstermijn. De overmacht zal niet worden ingeroepen in geval van arbeidsongeval.

Er wordt een stuurgroep opgericht om de opleiding in de sector te volgen.

Er wordt aanbevolen om de verhouding tussen “formele” en “informele” opleidingen in evenwicht te houden en de voorkeur te geven aan gecertificeerde opleidingen.

Als de werkgever niet voldoende opleidingsdagen over het jaar aanbiedt (ten opzichte van het groeipad), wordt het ontbrekende aantal dagen overgedragen naar het volgende jaar.

Het groeipad voor de toekenning van een individueel recht op opleiding zal vanaf 01/01/2024 als volgt in de bedrijven van toepassing zijn voor de voltijdse werknemers (pro rata voor deeltijdse werknemers):

- 3 individuele opleidingsdagen per jaar vanaf 01/01/2024

- 4 individuele opleidingsdagen per jaar vanaf 01/01/2026

- 5 individuele opleidingsdagen per jaar vanaf 01/01/2028

De verhouding tussen formele en informele opleidingen moet in evenwicht zijn. De voorkeur wordt gegeven aan gecertificeerde opleidingen die als doel hebben de beroepskwalificaties van de werknemer te verbeteren. 

De werkgever is verplicht om tussen te komen in een programma van psychologische bijstand aan de slachtoffers van een overval en in de kosten van deze bijstand.

Om de veiligheid te verhogen, is de werkgever verplicht om gespecialiseerd personeel in te zetten voor de geldophaling en moeten minstens 2 personeelsleden aanwezig zijn op de werkvloer bij de opening en sluiting van de winkel.

In pc 202 werd in 2021-2022 een sectorale opleiding over het omgaan met agressie in de winkels georganiseerd. Er waren 750 deelnemers per jaar, waarbij het sociaal fonds € 160 per dag opleiding heeft terugbetaald.

Het sociaal fonds komt tussen voor maximum € 3 per effectieve opvangdag in een door Kind & Gezin, de ONE of de regering van de Duitstalige gemeenschap erkende opvangstructuur voor kinderen jonger dan 12 jaar. De tussenkomst bedraagt maximaal € 600 per jaar.

Als beide ouders in één van deze pc’s werken, heeft elke ouder recht op de tussenkomst.

Het sociaal fonds komt tussen voor maximum € 780 per jaar in de opvang van kinderen tussen 0 en 12 jaar in een door Kind & Gezin of de ONE erkende instelling. Als beide ouders in pc 201 werken, kunnen ze allebei deze tussenkomst genieten ten belope van de werkelijke kosten.

In de handel werden verschillende uitzonderingsstelsels ingevoerd: stelsels van lange loopbanen en SWT-stelsels van de zware beroepen.

  • SWT zware beroepen 33 jaar loopbaan (5 / 7 jaar tijdens de laatste 10 / 15 jaar of 20 jaar nachtwerk): 60 jaar uiterlijk op 31/10/2025 en 35 jaar loopbaan bij einde contract;
  • SWT lange loopbaan: 60 jaar uiterlijk op 31/10/2025 en 40 jaar loopbaan bij einde contract.
  • SWT nachtwerk / zware beroepen 33 jaar anciënniteit bij daadwerkelijk einde contract, waarvan 20 jaar nachtwerk of 5 / 7 jaar in een zwaar beroep tijdens de laatste 10 / 15 jaar: 60 jaar uiterlijk op 31/10/2025

Uitzondering datum einde contract: voor pc 201 en pc 202.01 is de datum van einde contract voor deze SWT-stelsels 30/06/2025 en niet 31/10/2025.

Als je een halftijds of 1/5de tijdskrediet opneemt en overstapt naar SWT, dan wordt jouw aanvullende vergoeding berekend op basis van het arbeidsregime dat je presteerde vóór je tijdskrediet opnam.

Voor de minimale aanvullende SWT-vergoeding die je werkgever moet betalen, bestaan geen specifieke sectorale regels. In veel bedrijven van de sector daarentegen werden bij bedrijfs-cao hogere bedragen dan de algemene regeling voorzien. Voor meer info hieromtrent kun je bij je afgevaardigden terecht.

De formules van tijdskrediet en thematisch verlof zijn de laatste jaren sterk geëvolueerd zonder er veel eenvoudiger op te worden.

In de handel - en dan vooral in de pc’s 202, 311 en 312 - werden de maatregelen m.b.t. tijdskrediet op een aantal aspecten uitgebreid:

  • hogere drempel voor aantal werknemers dat tijdskrediet mag nemen
  • verlenging van de mogelijke duur van tijdskrediet tot het wettelijke maximum
  • sectorale aanvulling voor halftijds tijdskrediet 55+
  • aantal werkdagen/week beperkt tot 3 voor tijdskrediet 55+
  • recht op tijdskrediet voor niet-uitvoerend personeel (beperkt tot bepaalde functies en bepaalde vormen van tijdskrediet)

Sectorale toeslagen van het sociaal fonds voor landingsbanen

In de verschillende pc’s van de handel zijn, onder bepaalde anciënniteitsvoorwaarden, sectorale toeslagen ten laste van het sociaal fonds voorzien. Deze toeslagen komen bovenop de aanvullende vergoeding die door de RVA wordt betaald.

Pc 201

Vergoeding 1/5de tijdse landingsbaan. 

In bedrijven vanaf 11 werknemers, sectorale toeslag van € 25/maand voor landingsbaan vanaf 60 jaar.

Pc 202.01

Vergoeding 1/5de tijdse landingsbaan.

Sectorale toeslag van € 25/maand voor landingsbaan vanaf 60 jaar.

Pc 202

Vergoeding halftijdse landingsbaan 

Sectorale toeslag van € 148,74/maand (pro rata voor deeltijdsen) vanaf 55 jaar. 

Pc 311

Vergoeding halftijdse landingsbaan 

Sectorale toeslag van € 148,74/maand (pro rata voor deeltijdsen) vanaf 55 jaar.

Pc 312

Vergoeding halftijdse landingsbaan 

Sectorale toeslag van € 148,74/maand (pro rata voor deeltijdsen) vanaf 55 jaar.

 

Sommige bedrijven voorzien hogere toeslagen. Vraag dit zeker na bij je syndicale afgevaardigden. 

Gezien de vele en vooral complexe hervormingen raden we je ten stelligste aan om je afgevaardigden in je bedrijf of je gewestelijke BBTK-afdeling te raadplegen wanneer je een vermindering van prestaties overweegt. Zo kan je ook beter de gevolgen van je tijdskrediet in geval van ziekte, ontslag, SWT of pensioen inschatten.

In de handelssector voorzien specifieke regels enerzijds een grotere werkzekerheid en anderzijds specifieke ontslagregelingen.

In de pc’s 202, 311 en 312 zijn akkoorden afgesloten die de werknemers meer werkzekerheid bieden. Je syndicale afvaardiging speelt daar een centrale rol bij om je bijstand en ondersteuning te bieden. Er bestaan geen specifieke regelingen hieromtrent voor de pc’s 201 en 202.01.

BETROKKEN WERKNEMERS
Pc 202Pc 312
Wanneer een werknemer verdacht wordt van diefstal.Alle werknemers.
PROCEDURE
Pc 202Pc 312
Alvorens de verdachte werknemer te verhoren, moet de verantwoordelijke laten weten dat de werknemer de keuze heeft om zich tijdens het gesprek al dan niet te laten bijstaan door een vakbondsafgevaardigde. Als er geen vakbondsafgevaardigde aanwezig is, moet hij die telefonisch trachten te contacteren. Hij moet dat bij minstens 2 afgevaardigden proberen. Als deze 2 pogingen vruchteloos blijken, zet de verantwoordelijke dit op papier en laat dit mee ondertekenen door de verdachte werknemer en de aanwezige getuigen. In het kader van een onderzoeksprocedure worden de verhoren geleid door een gekwalificeerde verantwoordelijke die in de bedrijfs-cao is vastgelegd. Er wordt een beroep gedaan op de vakbondsafgevaardigde van zijn keuze (het kaderlid kan zich laten bijstaan door een collega naar keuze). Als de werknemer de bijstand van een vakbondsafgevaardigde weigert, ondertekent hij een document waarin hij dat verklaart.
SANCTIES BIJ NIET-NALEVING
Pc 202Pc 312
Een bedrag gelijk aan 12 maal het maandloon moet worden uitbetaald aan de bediende die om dringende reden ontslagen is.Sanctie van 12 maanden loon bovenop de wettelijke ontslagvergoeding. Als de dringende reden niet door de rechtbank erkend wordt, moet er re-integratie in de betrekking gebeuren. Zo niet wordt de opzegvergoeding met 35% verhoogd.
BETROKKEN WERKNEMERS
Pc 202Pc 311Pc 312
Contract van onbepaalde duur en > 6 maanden in dienstContract van onbepaalde duur en > 6 maanden in dienstContract van onbepaalde duur na de 61ste maand
PROCEDURE
Pc 202Pc 311Pc 312
Een eerste schriftelijke waarschuwing. Het bedrijf moet dan inspanningen doen om de beroepsbekwaamheid van de werknemer te verbeteren en als dit zonder gevolg blijft, hem overplaatsen naar een andere functie (aan de loonvoorwaarden van de nieuwe functie). Het ontslag mag pas gebeuren als de geleverde inspanningen niet tot resultaat leiden en na inlichting van de SA.Een eerste schriftelijke waarschuwing.
Een tweede schriftelijke waarschuwing na 1 maand. Indien na 2 maanden geen verbetering wordt vastgesteld, kan overgegaan worden tot ontslag.
Een eerste schriftelijke waarschuwing. Het bedrijf moet dan inspanningen doen om de beroepsbekwaamheid van de werknemer te verbeteren en als dit zonder gevolg blijft, hem overplaatsen naar een andere functie (aan de loonvoorwaarden van de nieuwe functie). Het ontslag mag pas gebeuren als de geleverde inspanningen niet tot resultaat leiden en na inlichting van de SA.
SANCTIES BIJ NIET-NALEVING
Pc 202Pc 311Pc 312
Een aanvullende opzegvergoeding van 3 maanden brutoloon.De re-integratie of de betaling van een vergoeding van 3 maanden loon.-

Alvorens ontslagen te overwegen wanneer de economische omstandigheden ongunstig zijn, moeten je SA en je OR betrokken worden in de pc’s 202, 311 en 312. Daarvoor zijn specifieke regels voorzien.

Pc 202

Blijkt een vermindering van de tewerkstelling onvermijdelijk, dan moet de werkgever alle nuttige maatregelen nemen om de tewerkstelling van het personeel in dienst te waarborgen:

- de aanwerving van nieuw personeel wordt stopgezet voor alle diensten die worden getroffen door de beperkingsmaatregelen en de aanwerving voor niet-getroffen diensten wordt beperkt door de uitdiensttredingen die natuurlijk voorkomen te compenseren door overplaatsingen van de ene dienst naar de andere;

- een tewerkstellingsbeleid wordt voorzien en, eventueel, een herklasseringsplan in de onderneming door, indien nodig, opleidingen te organiseren om het personeel toe te laten over te gaan van de ene dienst naar de andere.

- eventueel wordt onderhandeld over een mechanisme van vervroegd pensioen.

Moet uiteindelijk toch tot ontslag worden overgegaan, dan moet een voorrangsregeling in acht worden genomen waarbij rekening wordt gehouden met de bevoegdheid, de verdienste, de specialisatie, de leeftijd, de anciënniteit en de gezinslasten.

In geval van sluiting van zijn onderneming of van een afdeling ervan moet de werkgever ten minste 6 maanden vooraf de ondernemingsraad (of bij ontstentenis daarvan, de personeelsafvaardiging) en alle bedienden tewerkgesteld in de onderneming, bij middel van aanplakking daarvan op de hoogte brengen. De voorzitter van het paritair comité maakt deze informatie onmiddellijk over aan de werkgeversorganisaties en aan de vakbonden, evenals aan het "Fonds tot vergoeding van de in geval van sluiting van ondernemingen ontslagen werknemers". De ondernemingen engageren zich om zich in geval van sluiting te beraden met de vakorganisaties.

In geval van sluiting van filialen wordt voorrang van herklassering in de onderneming verleend aan het personeel dat getroffen is door deze sluiting. Indien deze herklassering niet mogelijk is, wordt een bijkomende vergoeding toegekend, gelijk aan één maandloon, zonder arbeidsprestatie. Deze vergoeding kan niet worden gecumuleerd met een eventuele vergoeding wegens sluiting van onderneming.

Pc 311

 

 

 

 

 

 

Kan een werkgever een personeelsinkrimping niet vermijden, dan dient hij volgende maatregelen te treffen teneinde de arbeidsplaatsen van het tewerkgestelde personeel te vrijwaren:

- in alle diensten die door beperkende maatregelen worden getroffen, wordt de aanwerving van nieuw personeel stopgezet. De aanwerving in niet-getroffen diensten wordt beperkt door de natuurlijke afvloeiingen te compenseren met mutaties van de ene dienst naar de andere;

- de werkgever voorziet een tewerkstellingsbeleid en, in voorkomend geval, een herklasseringsplan door, zo nodig, opleidingen te organiseren om de overgang van het personeel van de ene dienst naar de andere mogelijk te maken; 

- eventueel kan een mechanisme van vervroegd pensioen overeengekomen worden;

- in de mate van het mogelijke wordt het beschikbare werk onder de arbeiders verdeeld via de invoering van stelsels van gedeeltelijke werkloosheid.

- geen overuren, tenzij deze om economische of technische redenen absoluut noodzakelijk zijn;

- er worden geen werknemers aangeworven die een volledig rustpensioen genieten. Er wordt niet systematisch of herhaaldelijk een beroep gedaan op tijdelijk of interimpersoneel;

Er wordt niet tot collectieve afdankingen overgegaan vooraleer al deze middelen uitgeput zijn. Kunnen afdankingen toch niet vermeden worden, dan moet een bepaalde voorrang in acht genomen worden waarbij rekening wordt gehouden met de bekwaamheid, de verdienstelijkheid, de specialisatie, de leeftijd, de anciënniteit en de gezinslasten. De ondernemingsraad of, bij ontstentenis, de syndicale afvaardiging houden toezicht op de naleving van voormelde procedure. De ondernemingsraad of, bij ontstentenis, de syndicale afvaardiging houden toezicht op de naleving van voormelde procedure.

Pc 312

Na alle mogelijkheden te hebben onderzocht om volledige tewerkstelling te behouden, moet de onderneming welke om economische of technische redenen genoodzaakt is tot een inkrimping van de tewerkstelling over te gaan, binnen een zo groot mogelijke tijdspanne iedere nuttige maatregel nemen om de tewerkstelling van het personeel in dienst te vrijwaren. Hiertoe moet het volgende gebeuren:

- stopzetten van aanwerving van nieuw personeel voor alle diensten getroffen door de beperkingsmaatregelen; 

- ook voor de niet-getroffen diensten de nieuwe aanwervingen beperken door de betrekkingen welke op natuurlijke wijze vrijkomen aan te vullen door overplaatsingen van de ene dienst naar de andere, in de mate waarin de kwalificatie, de bekwaamheid of omscholing van het betrokken personeel dit toelaat en door het personeel op de hoogte te brengen van de openstaande betrekkingen;

- zorgen voor een tewerkstellingsbeleid en, indien het geval zich voordoet, een herklasseringsplan voorzien in de schoot van de onderneming, door indien nodig opleidingen te organiseren welke het overgaan van personeel van één dienst naar een andere mogelijk maakt;

- eventueel onderhandelen, met instemming van de betrokkenen, over een stelsel van vervroegd pensioen;

- wanneer voor bepaalde tewerkstellingsproblemen geen oplossing wordt gevonden op het niveau van de ondernemingen, vooraf het regionaal "interonderneming" overlegcomité, de nationale secretariaten van de representatieve werknemersorganisaties, welke deze collectieve arbeidsovereenkomst hebben ondertekend, en de Vereniging van de Grote Distributieondernemingen van Belgie inlichten.


Voor de bevoegdheidsgebieden geldt het begrip “juridische entiteit” (en niet “technische bedrijfseenheid” zoals bij de sociale verkiezingen).